Gids · Sport4 min leestijdNiveau 3 · Eerste wedstrijden

In welke klasse begin je: B of L, en welke hoogte

Hoe het KNHS-klassesysteem werkt en waar je je eerste wedstrijd rijdt: een lage hoogteklasse bij springen, klasse B bij dressuur.

StalwijsBijgewerkt 2 november 2026Geverifieerd tegen 9 bronnen op 7 september 2026, klassen en inschaling 17 oktober 2026, ruiteropleiding en KNHS en FNRS 2 november 2026

Je hebt een startpas en wilt je eerste wedstrijd rijden, maar in welke klasse schrijf je je in? Bij de KNHS lopen de klassen op in moeilijkheid, en waar je instapt hangt vooral af van je discipline en wat jij en je paard al kunnen.

Hoe het klassesysteem werkt

De KNHS deelt dressuur in op klassen die oplopen in moeilijkheid: B – L – M – Z – ZZ-Licht – ZZ-Zwaar, met daarboven de subtop (Lichte Tour en Zware Tour, waaronder de Grand Prix). B is de basis, elke volgende letter vraagt meer scholing. Daaronder bestaat klasse BB: een instapklasse zonder winstpunten en zonder promotie, waarvoor geen startpas met je paard nodig is (wel een KNHS-lidmaatschap). Springen kent sinds 1 april 2022 geen letterklassen meer: daar heet de klasse naar de hoogte van het parcours, bij paarden van 0,30 m tot 1,50 m.

Je klimt niet vanzelf op. Met winstpunten, punten die je bij elke wedstrijd kunt verdienen, mag je naar een hogere klasse; in de dressuur mag dat vanaf 10 winstpunten en moet het bij 30 (in de klassen B tot en met M2). Punten staan op de combinatie ruiter-paard, niet op jou alleen. Begin je later met een ander paard, dan bepaalt de inschalingstabel van de KNHS waar die nieuwe combinatie start; jouw hoogste klasse en die van het paard tellen daarin allebei mee. Zie ook de term Klasse bij de paardentermen.

Belangrijk: een dressuurklasse en een springhoogte zeggen niets over elkaar. Wie in de dressuur L rijdt, begint in het springen gewoon op de hoogte die bij de combinatie past.

Via de manege: eerst proeven zonder startpas

Begin je via een manege, dan rij je vaak eerst de proeven van de ruiteropleiding voor je een officiële wedstrijd rijdt. De KNHS-ruiteropleiding kent drie fases: brons, zilver en goud, waarvan goud nog in ontwikkeling is. Brons begint bij de eerste paardrijles en eindigt op F12 in de dressuur en S80 in het springen. Zilver loopt in de dressuur van F13 tot en met L2. Voor die proeven heb je geen startpas nodig, maar voor B en L in de dressuur gelden de wedstrijdreglementen van de KNHS. Voor een officiële KNHS-wedstrijd heb je wel een startpas nodig. Met een manegelidmaatschap kun je die aanvragen; je manege meldt je daarvoor aan bij de KNHS.

Sinds 2025 ligt dit anders dan voorheen. De samenwerking tussen de KNHS en de FNRS (de branchevereniging van ruitersportcentra) is per 1 januari 2025 gestopt. De KNHS-ruiteropleiding wordt aangeboden door KNHS-verenigingen en door bedrijven met een KNHS-licentie, Partner in Paardrijden genaamd. De FNRS heeft sinds januari 2025 een eigen opleiding, Plezier met Paarden. Vraag je manege welke opleiding ze geven en of je daarmee bij de KNHS staat ingeschreven.

Springen: begin op een lage hoogteklasse

Bij springen is de instap eenduidig: je kiest de hoogteklasse die je thuis al schoon springt, en voor de meeste combinaties is dat een van de laagste rubrieken. De KNHS werkt sinds 2022 niet meer met de letters B, L en M maar met de hoogte als klassenaam; de instap ligt voor pony's en paarden al bij 0,30 m.

Klasse Hoogte (indicatief) Voor wie
0,30–0,80 m lage instaphoogtes eerste wedstrijden, recreatie
0,90–1,10 m rond de meter eerste echte wedstrijdcarrière
1,15–1,25 m ruim boven de meter serieuze scholing

Een instapparcours is overzichtelijk: een rustige route met lage hindernissen. Kun je thuis een schoon rondje op de hoogte van de rubriek springen, met controle over tempo en lijn, dan ben je er klaar voor. Een hogere klasse mag je kiezen na 10 winstpunten op je huidige hoogte (vanaf 1,40 m na 5); promoveren is in het springen nooit verplicht.

Voor springen is de keuze dus zelden een dilemma: je begint laag en bouwt per hoogteklasse op. Exacte hoogtes en het reglement per rubriek staan op knhs.nl.

Dressuur: B of L?

Bij dressuur hangt de instap af van je eerdere uitslagen, en hier komt de vraag "B of L?" vandaan.

  • Klasse B is één basisproef in stap, draf en arbeidsgalop (normaal galoptempo), met eenvoudige wendingen, overgangen en een halt. Dit is het instapniveau voor wie net begint met wedstrijden.
  • Klasse L (L1 en L2) vraagt de eerste verzamelde gangen, uitgestrekte draf en meer precisie in de figuren. Veel combinaties beginnen hier hun eigenlijke wedstrijdcarrière.

Wie voor het eerst een dressuurproef rijdt, start in klasse B (of in BB). Je leert het verloop van een proef kennen, het rijden op de letters van de baan en het werken onder jurybeoordeling, zonder dat de techniek al zwaar is.

Direct in L starten mag alleen als je zelf al eens een winstpunt in L1 of hoger behaalde; zo staat het in de inschalingstabel van de KNHS. Rijd je je eerste wedstrijden, dan start je in B, ook als je paard al hoger heeft gelopen. Mag je wel kiezen tussen B en L, neem dan bij twijfel de lagere klasse.

Wat een proef of parcours daadwerkelijk vraagt

Een korte vergelijking van de instapklassen helpt om realistisch te kiezen:

Dressuur B Dressuur L Springen instapklasse
Gangen stap, draf, arbeidsgalop + verzameld en uitgestrekt n.v.t.
Kerneis nette overgangen, rechte lijnen aanleuning en verzameling controle over tempo en lijn
Hindernishoogte - - 0,30–0,80 m
Beoordeling cijfers per onderdeel, eindscore in procenten idem, strenger foutpunten + tijd

In dressuur is een eindscore boven de 60 procent een nette eerste wedstrijd; boven de 65 procent ben je goed op weg. In springen telt simpelweg: foutloos en binnen de tijd.

Hoe je kiest

Een paar vuistregels:

  1. Springen → begin op een lage hoogteklasse. Geen keuze nodig.
  2. Dressuur → begin in B, of in BB als je eerst zonder winstpunten aan wedstrijden wilt wennen. L kan pas als je zelf al in L geklasseerd bent.
  3. Twijfel je → kies de lagere klasse. Een sterke proef in B geeft winstpunten en zelfvertrouwen; een moeizame proef in L levert vooral een lage score en frustratie op.
  4. Vraag je instructeur. Die kent jouw rijden en je paard en weet wat de jury op een lokale wedstrijd verwacht.

Onthoud dat de klasse waarin je start geen eindbestemming is. Met winstpunten mag je promoveren, en in de dressuurklassen B tot en met M2 moet het bij 30. Wie in B begint, loopt dus niets mis: je bouwt punten op en gaat omhoog als jij en je paard eraan toe zijn. Te hoog instappen kan je hele wedstrijdplezier in de weg zitten.

Kort samengevat

  • Springen: begin op een lage hoogteklasse (vanaf 0,30 m); letterklassen bestaan in het springen sinds 2022 niet meer.
  • Dressuur: zonder eerdere klassering begin je in klasse B (of BB, zonder winstpunten); direct in L kan alleen als je zelf al in L geklasseerd bent.
  • Promoveren gaat op winstpunten: in de dressuur mag het vanaf 10 en moet het bij 30 (B tot en met M2), in het springen is het nooit verplicht.
  • Via een manege rij je eerst de proeven van de KNHS-ruiteropleiding zonder startpas; voor een officiële wedstrijd heb je een startpas nodig.
  • Bij twijfel: een klasse lager. Vraag je instructeur en check de actuele klasse-eisen op knhs.nl.

In België is de indeling anders (geen B-tot-ZZ-ladder maar niveaus met een handicapsysteem): zie klassen en niveaus in Vlaanderen.

Bronnen (geverifieerd 7 september 2026, klassen en inschaling 17 oktober 2026, ruiteropleiding en KNHS en FNRS 2 november 2026): KNHS: Disciplinereglement Springen 2026 (art. 253) · KNHS: Disciplinereglement Dressuur 2026 (art. 104 tot en met 110) · KNHS: Inschalingstabel dressuur · KNHS: Winstpunten in het springen · KNHS: Over de KNHS-ruiteropleiding · KNHS: Ruiteropleiding fase 2, zilver · KNHS: Wat is een manegelidmaatschap? · KNHS: Jaarverslag 2025 (par. 1.2.1) · FNRS: Plezier met Paarden

Zie ook: Paardentermen voor wedstrijdruiters · KNHS-startpas aanvragen

Samengesteld op basis van openbare vakbronnen.